Dashboard waar de vonken vanaf vliegen

Op vrijwel ieder management dashboard dat wij ontwerpen staat een grafiektype dat zo klein en subtiel is dat je het bijna over het hoofd zou zien. Echter, ondanks haar omvang is dit grafiektype van onschatbare waarde voor ieder dashboard. Het gaat hier om de zogenaamde sparkline.

De term sparkline is in 2004 door Edward Tufte geïntroduceerd. Zijn bedoeling was om de gegevensvisualisatie niet langer uitsluitend te tonen in een grafiek op een afgezonderde plaats op de pagina of het scherm. Hij wilde de gegevensvisualisatie daar plaatsen waar ook de bijbehorende woorden en getallen staan. Samengevat is een sparkline een eenvoudige en compacte visualisatie, rijk aan gegevens met de omvang van een woord.

Ook op het management dashboard vervult de sparkline een belangrijke functie. Vooral bij het afbeelden van KPI resultaten. Meestal is alleen het huidige resultaat van een KPI niet voldoende, maar is het ook nodig om eerdere resultaten inzichtelijk te maken (historie). Voordat je het weet past je management dashboard niet meer op één scherm of pagina als je voor iedere KPI een grafiek moet toevoegen, waardoor het dashboard zijn functie (overzicht) verliest. Dit is precies waar de sparkline kan helpen.

Vaak zie ik nog dashboards waarbij de historie wordt samengevat met een enkele pijl. Hierbij verliezen we echter een hoop waardevolle gegevens. Op de plaats van de pijl kunnen we ook een sparkline kwijt, waardoor de hoeveelheid informatie direct toeneemt zonder meer plaats te kosten.

Net als bij een gewone lijngrafiek is het ook bij de sparkline de vraag of een afwijking normaal is (natuurlijke variantie) of bijzonder (het echte signaal). Hier schreef ik al eerder over in het artikel Vertrouwen in uw management dashboard is goed, maar controle is beter.

Vandaar dat Stacey Barr in haar laatste artikel de sparkline en controlchart combineert tot smartlines.

Met haar smartlines weet Stacey nog meer bruikbare informatie te stoppen in een klein gebied. Ik weet alleen nog niet of de smartline op korte termijn op onze dashboards moet verschijnen. Ik ben benieuwd naar jullie mening over de smartlines van Stacey. Laat een bericht achter op onze Linkedin pagina.

 

In lijn met kwantipulatie

Vaak zien we bij kwantipulatie voornamelijk voorbeelden van het incorrect toepassen van taart- en staafgrafieken. Waarschijnlijk komt dit ook doordat de valkuilen bij deze grafiektypen eenvoudig te herkennen zijn. Echter, ook de oude vertrouwde lijngrafiek wordt misbruikt in kwantipulatie.

Een belangrijke valkuil bij het gebruik van lijngrafieken is de toepassing van meerdere (verschillende) schaalverdelingen. Zo lijkt het in de onderstaande lijngrafiek dat de blauwe lijn een vrij rustig verloop te kennen (lijn loopt redelijk vlak), waar de rode lijn een veel grilliger patroon laat zien. Ook zien we dat de lijnen in de maand Juli elkaar kruisen. Vaak heeft het kruisen van twee lijnen een speciale betekenis, dus letten we hier ook direct op.

Echter, zoals te zien is in afbeelding 2 vertonen de resultaten van zowel rood als blauw precies hetzelfde patroon. Sterker nog: de lijnen kruisen elkaar nergens.

Nu ben ik begonnen met te vertellen over het toepassen van meerdere schaalverdelingen, waardoor u deze direct ziet. Echter, in de praktijk zien de meeste lezers deze tweede as in eerste instantie niet en concentreren de meesten van ons zich op de vorm van de lijnen. Probeer dus meerdere schaalverdelingen in één grafiek te vermijden. Mochten hierdoor verschillende gegevensverzamelingen niet goed leesbaar worden, maak er dan ook twee verschillende grafieken van.

Niet alleen met het variëren van de schaalverdeling kan de boodschap van een grafiek sterk veranderen. Een andere kwantipulatie methode die veel toegepast wordt is het aanpassen van de aspect ratio of beeldverhouding. Naomi Robbins schreef hier recent over in haar blog voor Forbes. Zij gebruikt daarin een voorbeeld van 2 grafieken met gelijke gegevens en schaalverdelingen die ieder een net iets andere verhaal vertellen. Bij de linkse grafiek (aspect ratio van 0,15) lijkt de stijging veel minder spectaculair dan bij de rechtse (aspect ratio van 2,5). Helaas zijn er (nog?) geen eenduidige regels voor het toepassen van de aspect ratio, dus wees op je hoede.

aspect ratio van 0,15

aspect ratio van 2,5

KPI’s zijn niets, KPI’s opstellen is alles

Al eerder heb ik mijn verbazing uitgesproken over hoe door veel organisaties KPI’s worden bepaald. Blijkbaar is het niet nodig om ons te concentreren op echt belangrijke zaken, maar rommelen we liever aan met marginale (vaak operationele) activiteiten doordat we niet weten wat belangrijk is.

Wellicht dat je nu denkt: waar heeft hij het over?

Vorige week vertelde ik aan een groep managers over de PuMP methode van Stacey Barr. Aan het einde van dat gesprek kwam toch weer die vraag: “Hebben jullie niet een lijst van standaard KPI’s voor onze bedrijfstak?”

Naast eerder genoemde nadelen (5 mooie KPI’s alstublieft…) zit er nog een andere grote vergissing achter deze vraag: het gaat namelijk helemaal niet om de KPI’s.

Een organisatie heeft doelen die ze behalen wil. Een KPI is slechts een hulpmiddel en bovendien alleen maar de uitkomst van een leerzaam proces.

Bij het opstellen van je KPI’s worden al je aannames opnieuw getoetst: wat willen we eigenlijk bereiken en wat doen we om deze doelen te verwezenlijken? Het doorlopen van dit proces is veel belangrijker dan de uiteindelijke uitkomst: de KPI.

Een goed hulpmiddel bij dit proces is het zogenaamde results-mapping. Results-mapping helpt een organisatie niet alleen bij het bepalen welke resultaten van belang zijn, maar ook bij het begrijpen waarom het belangrijk is deze resultaten te bewaken.

In de middelste cirkel gaat het over de resultaten voor alle belanghebbenden (stakeholders). Met andere woorden: wat ervaren klanten, medewerkers, aandeelhouders, omgeving, etc als de organisatie zijn doelen bereikt. Deze resultaten zijn het beste bewijs dat een organisatie (op lange termijn) succesvol is.

Om dit te illustreren een voorbeeld van een brandweer organisatie. Deze heeft in de middelste cirkel onder andere een resultaat als: minder doden veroorzaakt door brand.

De volgende cirkel gaat meer over de middellange termijn. Vaak zijn dit de resultaten als gevolg van de strategie van een organisatie. Dit zijn dus de resultaten die aangeven dat de gekozen strategie succesvol is. Voor de brandweer zijn dit bijvoorbeeld resultaten als: branden worden voorkomen.

Vervolgens gaat de blauwe cirkel over de resultaten van de belangrijkste (end-to-end) processen. Bij de brandweer kunnen dit dus zaken zijn als: alle huizen hebben een rookalarm.

De buitenste cirkel zijn de resultaten van de belangrijkste activiteiten. Bij de brandweer is dit bijvoorbeeld: onze veiligheidsboodschappen worden begrepen door de gemeenschap.

Bij het opstellen van de result-map gaat het dus niet om de KPI’s, maar om de resultaten die je wilt behalen. Pas nadat de result-map helemaal is uitgewerkt is het tijd om te gaan zoeken naar de bijbehorende KPI’s.

Het doorlopen van deze stappen kost tijd, dat is waar. Echter, het klakkeloos overnemen van KPI’s van een ander kost nog veel meer. Voor het opstellen van je KPI’s geldt precies hetzelfde als voor het opstellen van je strategie: dat moet je zelf doen en zeker niet uitbesteden.

 

Dag vakantie, hallo verkiezingen!

Welkom terug! Net als de meeste van jullie hebben ook wij in de maand augustus van onze vakantie genoten.

Na de vakantie weer in het ritme komen valt mij altijd zwaar, vooral als ‘s-morgens vroeg de wekker om aandacht schreeuwt. Als de wekker de enige was die om aandacht verlegen zat…

Na een paar weken doorgebracht te hebben in Spanje was ik helemaal vergeten dat we weer snel naar de stembus mogen. Maar “gelukkig” hoef je de TV maar aan te zetten of een krant open te slaan: je ontkomt er niet aan. Ook een rustige wandeling door de stad is niet meer mogelijk, want op iedere hoek staat wel iemand die zijn of haar politieke voorkeur aan je uitdeelt.

En natuurlijk horen bij verkiezingen ook de peilingen. Iedere grote naam in onderzoeksland doet verplicht mee. Gevolg: een lawine aan getallen en bijbehorende analyses, die als het een beetje mee zit elkaar natuurlijk tegen spreken.

Zo zag ik gisteren op www.telegraaf.nl de onderstaande grafiek verschijnen. Natuurlijk niet handig dat er gekozen is voor een 3D staafgrafiek, maar hoe ondersteunt deze grafiek het bijbehorende artikel?

In het artikel staat geschreven dat de PvdA (volgens de peilingen) de laatste weken steeds dichter bij het zetelaantal van de SP komt. Hoe zie ik dat in deze grafiek? Buiten de typische moeilijkheden met een 3D staafgrafiek (zie Trellis chart: klein maar fijn) is er nog iets anders wat vragen bij mij oproept: waar kan ik zien dat het verschil kleiner is geworden in de loop van de tijd?

Bij de vier onderzoeken staat in de legenda gelukkig wel vermeld wanneer deze zijn uitgevoerd. Alleen staan ze zowel in de grafiek als legenda niet in chronologische volgorde. In de volgende grafiek heb ik de gegevens daarin geplaatst.

Nu is te zien dat het verschil kleiner lijkt te zijn geworden, sterker nog: de PvdA lijkt de SP te hebben ingehaald. Echter, niet alleen het tijdstip verschilt per grafiek. Iedere grafiek is ook nog eens gebaseerd op een ander onderzoek. Nu weet ik niet veel van dit soort onderzoek, maar ik ben er vrij zeker van dat deze vier onderzoekers allen hun eigen specifieke aanpak hebben. Dus wat vergelijken we eigenlijk? Op de website www.peilloos.nl heb ik ook de eerdere resultaten van de gebruikte onderzoekers gevonden. Hieronder per onderzoeker de peilingen vanaf 1 juli 2012 van de PvdA en de SP.

Het blijven natuurlijk peilingen met alle beperkingen van dien, maar door zoveel mogelijk zaken gelijk te houden (ceteris paribus) zijn we op zijn minst in staat om de ontwikkeling in de tijd te zien. Deze laatste grafieken ondersteunen de strekking van het artikel in ieder geval een stuk beter dan het 3D origineel. Met deze laatste grafieken is het direct duidelijk dat het verschil in aantal zetels tussen de PvdA en de SP de laatste weken kleiner is geworden.